085-2735717 info@overheidsgedonder.nl

Verslag zitting 17 augustus 2017 permanente bewoning Zuidplas.

Overheidsgedonder Verslag zitting 17 augustus 2017 permanente bewoning Zuidplas.

Verslag zitting 17 augustus 2017 permanente bewoning Zuidplas.

zaak permanente bewoning Zuidplas

verweer gemeente Zuidplas

Op de zitting van 17 augustus 2017 onder leiding van mr. Waterbolk is voor de aftrap deze pleitnota voorgelezen:

In het verweer van de gemeente worden drie arresten van de Raad van State aangehaald uit 2003, 2006 en 2012. Deze uitspraken gaan nog uit van de inmiddels verouderde interpretatie van artikel 8 ERVM.

Hierbij werd ervan uitgegaan dat de wet, het democratisch besloten zijn en het juist volgen van de procedures voldoende was voor een gemeente om handhavend op te mogen treden.

Dat is nu niet langer houdbaar. De ontwikkeling in de uitspaken van EHRM geven duidelijk aan dat een inhoudelijke gedetailleerde afweging van het specifieke geval noodzakelijk is. Dit recht is onafhankelijk van de gevolgde rechtsgang. Onder artikel 6 EVRM is deze rechtseenheid dan ook gewaarborgd. De overheid is dan ook bezig deze rechtseenheid structureel vorm te geven.

Binnen het civiel recht is de nieuwe interpretatie inmiddels praktijk en binnen het strafrecht wordt dat nu met het krakersarrest uit 2016 van de hoge raad dan ook afgedwongen. Bij het bestuursrecht is er slechts een voorzichtig begin mee gemaakt.

De drie door de gemeente aangehaalde uitspraken betreffen, Harderwijk, Ermelo en Epe.

In Epe wordt nog steeds gehandhaafd. De verloedering, met de bijbehorende criminaliteit, van de parken daar neemt nog steeds toe en Epe erkent dit probleem inmiddels.

Harderwijk en Ermelo zijn na deze uitspraken gaan legaliseren. Met als gevolg dat de parken daar nu weer vitaal zijn. Legalisering is dus in de praktijk de goede oplossing gebleken voor het tegengaan van verloedering.

De twee Raad van State uitspraken aangaande handhaving in Moordrecht van 2015 en 2016 welke het college aangehaald heeft zijn ingehaald door de rapportage vergunningverlening.

Niet alleen is deze gemeente nagenoeg alle vergunningen kwijt maar ook veel andere documenten die juist zouden moeten aantonen dat er in het verleden goed gehandhaafd is zijn zoek.

Er bestaat een gerede twijfel of deze twee aangehaalde uitspraken niet voor een herziening in aanmerking moeten komen, door de uitkomsten van het, bij deze casus ingebrachte rapport en het bepaalde in artikel 6 EVRM, het recht op een eerlijk proces.

Uit de rapportage blijkt dat er niet alleen geen handhavings- uitvoeringsprogramma’s zijn opgezet, maar ook dat vrij veel zeer relevante documenten niet meer te traceren zijn waardoor de geloofwaardigheid over correcte handhaving in het verleden nogal discutabel wordt.

Buiten dat het natuurlijk heel vreemd is dat een gemeente blijkbaar niet hoeft te voldoen aan formaliteiten zoals het opstellen van een handhavingsuitvoeringsprogramma om legitiem te gaan handhaven lijkt het mij dat het EHRM met de bepalingen van het EVRM hier echt anders naar zal kijken.

Afsluitend wil ik nog opmerken, dat de door het Nederlandse recht vereiste zorgvuldige belangen afweging bij het opleggen van een last onder dwangsom, in de praktijk een eenzijdige afweging blijkt met een vaststaande uitkomst. Dat kan de bedoeling van de wetgever niet geweest zijn.

 

Het was een rustige fijne zitting met een rechter die interesse toonde in de casus. Ook bleek dat de rechter zich goed ingelezen had, de vragen waren scherp. Bijvoorbeeld over het maatwerk dat aangeboden was. Het maatwerk bestond uit “als je toegeeft daar te wonen dan zullen wij kijken of je een maximale begunstigingstermijn van 5 jaar mag hebben” Maatwerk kon je aanvragen tot 15 oktober 2015. Als je na 15 oktober 2015 terminaal ziek wordt of je baan kwijt raakt is dat pech hebben.

Omdat je voor het aanvragen van maatwerk als eerste moest zeggen dat je daar woonde en daarna pas gekeken werd of je een schrijnend geval was, was er veel weerstand om dit aan te vragen. Als proefkonijn (ik mag daar immers wonen) heb ik meegedaan met maatwerk. Ik had toen een sociale dienst uitkering MET woonkostentoeslag (bijzondere bijstand) dus als er een het financieel moeilijk had, was is het wel. Toch was mijn financiële situatie niet sneu genoeg om in aanmerking te komen voor maatwerk, ook het feit dat mijn huis 150.000 euro onder water stond niet.

Beloofd was dat er geen correspondentie zou zijn tussen de gemeente (de beleidsmaker) en de ODMH (de uitvoerder) uiteraard bleek eerder dit jaar dat dit wel gebeurt is. Dit was DE reden voor mij om mee te doen met maatwerk om aan te kunnen tonen dat ook hier weer de fatsoensnormen overschreden zijn buiten het feit dat op oneerlijke wijze aan belastend materiaal is gekomen door deze gemeente. Immers zijn nagenoeg alle maatwerkaanvragen afgewezen, in ieder geval die welke op financiële gronden waren gestoeld.

De vraag waarom het kon dat er 2,5 kilometer verderop wel gewoond mag worden op een recreatiepark werd door het college beantwoord dat Gouda het bestemmingsplan aangepast had zodat arbeidsmigranten daar mogen wonen.

Op de vraag wat ik ging doen als de uitspraak negatief was heb ik geantwoord dat ik dan een ander huis ga huren en in mijn huis 6 polen stop á 150 euro de week per kop, drie maanden vol een maand leeg, dan voldoe ik aan het gestelde in het bestemmingsplan en blijf ik financieel gezond. Als dat is wat de gemeente wil, dan is dat wat de gemeente krijgt.

De vraag hoeveel huizen er permanent bewoond worden werd niet beantwoord door het college, dat weten ze simpelweg gewoon niet. Wel dat er nu ongeveer 30 zaken lopen. Zoals ik al zei in mijn beroepschrif, in dit tempo zijn ze nog 20 jaar bezig.

 

Over 14 dagen doet de rechter uitspraak

 

Deel dit bericht: